Gevoera
Beschrijving van de kleurets
De overheersende kleur op deze ets is blauw. Het is een geschikte kleur
om een afgrenzende en inhalige beweging mee te suggereren. Dit is het kenmerk van de sefira
- Dien (Recht) of Gevoera (Macht). In tegenstelling
tot de manlijke kracht Chèsèd - gesitueerd aan de rechterzijde van
de kosmische mens - is gevoera een vrouwelijke kracht. Ze
behoort tot de linkerzijde van de kosmische mens. Gevoera is daarmee juist een
afgrenzende en een naar zichzelf toe bewegende kracht. Indien zij niet in evenwicht wordt
gehouden door de genereuze en naar de ander toegaande beweging van Chèsèd,
ontaardt Gevoera in verschijnselen als egoïsme, nationalisme en etnocentrisme. De
kleur rood vertegenwoordigt bloed en heftige emotie.
De tekst op de afbeelding verwijst naar het goddelijke bevel om aan de
destructieve houding van het belligerente volk Amalek tegenwicht te bieden: Zo
zal de oorlog van de Eeuwige tegen Amalek zijn, van geslacht tot geslacht (Ex.
17:16). Zich geconfronteerd wetend met de compassieloze haat en vernietigingsdrang van een
fascistoïde cultuur, kan het gebruik van de (soms) gewelddadige kracht van Gevoera
onvermijdelijk blijken. Af en toe moet men ingrijpen en voor het leven en de rechten van
ontrechte slachtoffers opkomen. De Wijzen verklaren dat Amalek Israël redeloos in de
woestijn aanviel, toen het volk uitgeput en zwak was. Om geen andere reden dan afkeer van
wat deugdzaam en fysiek zwak is, viel Amalek aan. Amalek betekent barbarij en
anti-cultuur.
Rechts boven ziet u een paard en een ruiter. Paarden verwijzen naar oorlog.
Soms is het paard - zoals bij de profeet Zecharja - een apocalyptisch symbool. De
grafstenen in de lucht vormen een stille verwijzing naar de schilder Samuel Bak, die zijn
visie op het historische landschap van na de Sjoa onder meer uitbeeldde door
twee afbrokkelende stenen tafelen van de Wet. Hun boodschap is als het ware samen met het
volk Israël in Auschwitz in rook opgegaan. Sterker kon de bijbelse oproep tot
menselijkheid niet falen.
Het offerblok - meer naar beneden toe op de plaat - staat symbool voor de Akkedat
Jitzchak, het binden (offer) van Jizchak. Het offerblok tekent het lot van Israël dat in
Europa afgeslacht en vernietigd is op het altaar van de geschiedenis. Aartsvader Jitzchak
leverde een moedige bijdrage aan de vervulling van Avrahams opdracht om zijn zoon te
offeren. Hij liet zich willig door zijn vader op het offerhout vastbinden. De kabbalisten
brengen het aandeel van Jitzchak - symbool voor Joodse martelaren door de eeuwen heen - in
verband met de kracht van Gevoera.
Van een muur omlaag druipend bloed herinnert aan een schilderij van de Joodse
kunstenaar Abel Pan, die op indrukwekkende wijze uitdrukking gaf aan het geweld van
pogroms. De persoon met opgeheven armen wekt vaag de associatie met een gekruisigde. De
kruisiging is door een aantal Joodse kunstenaars gedurende de Tweede Wereld Oorlog en
daarna gebruikt als symbool, waarmee zij iets van de pijn wilden weergeven van het Joodse
lijden.
Volgende sefira (7) 'Tif'èrèt'
Terug
naar 'Chèsèd' 
© 2000 dr. Marcus van Loopik
Alle rechten voorbehouden. Niets van de tekst of van de afbeeldingen van de etsen
mag
op welke wijze dan ook worden vermenigvuldigd zonder mijn voorafgaande
toestemming.
De originele etsen - met als thema de tien sefirot - zijn in beperkte oplage
(20 exemplaren) verkrijgbaar. Oningelijst 400,- per stuk, ingelijst
475,- per stuk (beeldafmeting 40 cm. bij 50 cm.; lijst 60 cm. bij 85 cm.).
Voor
reacties en bestellingen van grafiek:e-mail: 